Veenkloosterbos

Zoals het Veenkloosterbos er nu uitziet, werd het omstreeks 1840 aangelegd door tuinarchitect L.D. Roodbaard,  maar sommige lanen en de zogenaamde Modderberg zijn van voor 1800 en maakten toen deel uit van een Franse tuin.

Roodbaard vernieuwde het park met kronkelpaden, grillige vijverpartijen, een hertenkamp, een hermitage en een theehuis, kenmerken van de Engelse landschapsstijl.

Het Veenkloosterbos is in trek bij zeer veel vogelsoorten. In de hoge eiken en beukenbevindt zich één van de grootste reigerkolonies van het noorden. De ijsvogel broedt regelmatig in het bos, evenals de havik. Ieder voorjaar roept de wielewaal en is de koekoek te horen. De oude bomen worden bewoond door vele spechtensoorten. Op de drie vijvers verblijven vele eendensoorten. Jaarlijks is het Veenkloosterbos een rustplaats voor naar het zuiden trekkende houtsnippen.

Tijdens het broedseizoen (van 15 maart t/m 15 juni) is het bos niet toegankelijk.

AGENDA